Aardbeving Nepal 2015

29 november 2024 - Kathmandu, Nepal

Zaterdag 25 april 2015 (1 ste dag)

Nepal, Kathmandu, 12u. We zitten in een kleine garage. Je voelt trillingen die heviger en heviger worden. De garagist begint te roepen en rent met de klant naar buiten. We volgen instinctief. Eens buiten val ik en geraak niet meer recht, het lukt me gewoon niet. Ik moet precies uit een diepe put kruipen, terwijl de straat zo hevig beweegt! En terwijl kruipt er door heel mijn rug een angstig rillend kil gevoel dat ik elk moment kan bedolven worden.

Laurens staat enkele meters van mij en kan niet tot mij komen, reikt zijn hand, maar helaas, hij kan me niet helpen. Later wist hij me te vertellen dat de grond onder zijn voeten hevig van links naar rechts, van boven naar onder, naar alle kanten bewoog en bij elke stap dat hij zette, werd terug geduwd. Hij is machteloos. Hij roept enkel "Woon! Woon! Woon!" De angst in zijn stem en zijn gezicht, nog nooit heb ik hem zo wit gezien! Dat bedoelen ze dus met wit zien van angst. Ik zie mijn dood in zijn uitdrukking, want dan besef ik ook welk gevaar er nog dreigt. Ik lig vlak naast een depot van grote gasbidons, drie lagen opeen gestapeld, ze dansen als gek en ze waren aan het vallen, mijn richting uit. Ik moet maken dat ik hier weg kom! En wel nu!

Het is me gelukt, ik ben bij Laurens geraakt, ben een schoen kwijt, mijn handen liggen open en de gsm die ik vasthad is stuk. Ik wil Laurens nooit meer loslaten. We blijven samen, No Matter What. Ofwel overleven we dit samen of we sterven samen.

De eerste aardbeving was 7,9 op de schaal van Richter en duurde een volle twee minuten.

We staan midden op straat, ik kijk constant naar boven, overal dreigt gevaar. Stukken van de gebouwen die naar beneden kunnen donderen, instortingsgevaar. We moeten hier weg. Verder in de straat zie ik geen gebouwen. Plots grijpt een man ons vast, hij is volledig in paniek en spreekt wartaal uit. Hij zet zijn nagels in mijn zij en trekt zo hard dat mijn blouse helemaal openscheurt en weg is hij. Zijn sporen staan bloedend in mijn vel gegrift. Het was de klant van de garage. Ik neem het hem echt niet kwalijk. Iedereen is in paniek, het is een grote chaos en de lucht is doordrongen van angst.

We horen een vrouw schreeuwen, zij staat gebukt naast een hoop stenen. Een muur is op haar man gevallen, hij ligt onder het puin. Ze halen hem er uit, dragen het levensloze lichaam in de auto die naast ons staat, maar bloedt hevig, vooral aan zijn hoofd. Laurens ziet onmiddellijk dat hij dood is. Hier had Laurens het moeilijk mee, bij het zien van deze man zonder leven. De vrouw staat te schreeuwen en je kan haar pijn voelen, het ging door merg en been. Hier had ik het moeilijk mee.

De auto rijdt snel door.

Dit voorval gebeurde maar enkele meters van ons, verschrikkelijk, dit hadden wij kunnen zijn. Dan besef je dat het leven in een knip gedaan kan zijn.

We moeten hier weg, uit het gevaar. We stappen enkele meters verder, wanneer we militairen zien. Ze leiden ons en de mensen rondom door een smal deurtje in een muur. Snel snel, hij doet ook teken achter ons en we zien een torenhoge hotel, als die neervalt!

We komen op een voetbalveld terecht, waar de Nepalezen in de buurt zich verzamelen. Oef geen gevaar meer van bovenaf, maar dan denk ik ineens: 'De grond kan openscheuren!' En ik zie in de grond overal barsten, weer gevaar.

Het blijft niet bij de grote eerste aardbeving, neen, constant na-trillingen, waarvan je steeds niet weet of die groter worden of niet. Je voelt dat je leven constant in gevaar is. Bij elke na-trilling gaat iedereen gehurkt op de grond in combinatie met angstige kreten. Laurens niet, hij loopt als een bezetene heen en weer en ik als een hondje erachter. No Way dat ik hem nog loslaat. En steeds denk ik: 'Als de grond maar niet openscheurt.'

Er komt een vrij grote na-schok en je hoort de paniek van de menigte.

Onze gsm is stuk, we kunnen niemand bellen. Alle geluk had ik op een klein papiertje enkele nummers opgeschreven, geplastificeerd en dit in elk van onze broek gestoken. Dit zat in een extra zakje dat ik er had ingenaaid, om 'pick-pocket' te voorkomen, waar ook het geld en ons paspoort in steekt. Je weet maar nooit... En moet het weer lukken, juist nu, dat onze paspoorten nog op de kamer liggen.

We mogen een gsm van iemand gebruiken en bellen An op, het is nog geen 7u in België, we vertellen haar wat er pas is gebeurd en of ze anderen kan verwittigen. De man van de gsm vertelt ons dat Thamel, het toeristisch gedeelte van Kathmandu waar ook ons hotel gelegen is, in puin ligt. Laurens wil dit nader onderzoeken.

We vertrekken als het al een tijdje rustig is, even geen na-schokken. We kunnen hier niet blijven.

Onderweg naar ons hotel zien we overal ravages en chaos. We passeren gebouwen die we net bezocht hadden, ingestort, daar diegenen die we nog net zagen of spraken, zijn er in het ergste geval niet meer. Electriciteitspalen omgevallen, één recht op een taxi. Barsten in de straten, zelfs tot een meter breed. Mensen groeperen zich op plaatsen die het minst gevaarlijk lijken zoals een rond punt. Mensen die bloeden, in paniek of verdwaasd zijn, wenen,...

Schrijnende taferelen.

Aangekomen aan Thamel zien we een massa mensen, vooral toeristen, de tegenovergestelde richting opgaan. Allen wil Thamel uit, want daar is het gevaar groot. Smalle straten met hoge hotels en gebouwen. Wij riskeren het om naar ons hotel te gaan, tegen de stroom in. Voorzichtig, steeds naar boven kijkend en hopend dat er geen na-schok komt. Een zeer smal steegje, waar de grond naar boven is geduwd, moeten we door. We glippen er snel door om dan op het mini-pleintje van ons hotel toe te komen. Ze staat nog recht, volledig verlaten en donker, een spookachtige sfeer. We snellen naar de eerste verdieping, ons kamer in, vliegensvlug plassen, paspoorten en ontsmettingsmiddel zoeken en maken dat we daar weg zijn, uit de kamer, uit het hotel, uit Thamel.

Ik verzorg mijn wondjes. Ontstekingen kunnen we ons nu niet permitteren na het uitbreken van deze chaos. Erbarmelijke toestanden komen eraan, beseffen we maar al te goed. Laurens ziet een verdwaasde toeriste, helemaal alleen en spreekt haar aan. Megan, ze is van Australië, vanaf dan zijn we met z'n drieën.

Na-schokken. We vluchten een binnenkoer op waar tempels staan. Hier zijn verscheidene mensen. We zetten ons en wachten een poosje af. Megan en Laurens wisselen reisverhalen uit om hun gedachten te verzetten. Ik ben constant bezig met af te meten. Als dat zou vallen dan... maar als dat valt dan... kunnen we daar niet veiliger zitten voor het geval dat... geen seconde ben ik gerust.

Megan wil bellen, maar heeft geen belwaarde. Wij hebben een kapotte gsm, maar is wel juist opgeladen. We steken onze sim-kaart in haar gsm en jawel het lukt. Megan en wij bellen onze dierbaren op om hun op de hoogte te houden dat we nog ok zijn.

Voor de rest weet je niets, wat gaat er gebeuren? Is het gedaan? Komen er nog bevingen? Toch geen grotere? Waar moeten we heen?...

De uren passeren en we horen dat de regering iedereen verbied in een gebouw te blijven. Allen moet buiten naar een open plaats. Voor hoelang? Je hebt geen flauw idee.

We gaan eerst terug naar Thamel. Eerst ons hotel en nemen wat we nodig gaan hebben: twee kleine rugzakken en een deken van op bed. De bagage voor mee naar huis te nemen laten we staan. We waren net klaar met alles in te kopen, want we gingen normaal gezien binnen enkele dagen terug vliegen. (Autospullen, zaken voor het huis, gerief voor anderen,... in totaal meer dan 100 kilo. En we zijn vertrokken van thuis met 6 kilo)

Daarna gaan we naar Megan haar hotel. Haar kamer is op de zesde verdieping en er is al een grote barst over heel de gang. Ze twijfelt, heeft schrik, maar wil haar spullen. Ze snelt naar boven en komt veilig terug mèt al haar bagage.

Oef eindelijk zijn we uit de dichtbebouwde Thamel. Maar op straat passeren we ook hoge gebouwen, we lopen midden op straat voor de minste risico's, op zoek naar een open plaats. We volgen de menigte en passeren de ene ravage na de andere.

Ravage na 1ste aardbeving

We zien een massa volk bijeen gepakt op een grote open grasvlakte. We murwen ons ergens bij. We zijn de enige toeristen. Het is rond 20u en eindelijk kunnen we eens diep in en uit ademen na 8 uren intense angst. Geen gevaar meer van bovenaf, wat een angstdruk die afvalt. Maar nog niet helemaal, de grond kan ook nog steeds openbarsten....

We leggen ons neer. Gelukkig had Laurens het deken mee om op te liggen en we hadden ook nog een lichte slaapzak en een laken bij. Megan had een opblaasbaar mat en een goeie slaapzak.

Het regenseizoen is ook begonnen en we liggen in de regen. Ze had ons haar dun extra matje gegeven, die we gebruiken om ons iet of wat droog te houden. Telkens het heviger regent snellen de mensen zo snel mogelijk naar een afdak wat verder, want niet iedereen kan eronder. Dan komt er een na-schok en snellen ze zo snel mogelijk terug, weg van het afdak dat kan instorten. Dit scenario herhaalt zich constant. Je doet echt geen oog dicht. Wij deden niet mee met dit spelletje. Dan worden we maar nat.


 

Zondag 26 april 2015 (2de dag)

Toilet, hoe zit dat?

Ergens in een zanderige hoek zijn hals over kop improvisoir toiletten gebouwd. Elk toilet bestaat uit vier bamboestokken met een zwarte plastiek rond. De deur is 1 van de vier zijden die losflappert, dus geen privacie. In het midden liggen 2 bakstenen op de grond, bedoelt om op te staan, geen put of niks. Er zijn er maar enkelen gebouwd en we zijn met duizenden. Kun je je al voorstellen hoe dit al na de eerste dag er moet uit zien? De zon schijnt daarbovenop nog hevig in de dag. Voor dan aan het toilet te geraken moet je eerst door rivieren urine, als het je eventueel lukt om degelijk het doel te bereiken, is het bijna onmogelijk om aan de stenen te geraken zonder bruine schoenen te krijgen. Lukt het je toch, hopen dat de bakstenen nog vrij zijn gebleven. Om dan uw behoefte te doen achter het flapperplastiekje? En de geur....bedwelmend door de hitte van de zon....en vooral niet uitschuiven!

Ik denk het niet! Krampen dat ik heb gehad van in te houden!!

Wat betreft eten en drinken? Waterflessen hebben we direct gekocht, een pak, want schaarste gaat aanbreken. Enkele vrouwen proberen ze al aan belachelijk hoge prijzen te verkopen aan ons. Voorbij lopende mannen hebben dit belet.

Maar het probleem is dat diegenen die bij ons liggen een fles vroegen, je kunt moeilijk weigeren, dan nog een,... Terwijl er een tankwagen van het leger midden op het plein staat, waar men water kan halen. Ten eerste kunnen toeristen dit water niet drinken, dan word je ziek, diarree en dat wil je nu zéker niet. Indiërs en Nepalezen hebben een 'Iron stomach'. Ze kunnen dat water zonder probleem drinken, wij niet. Ten tweede stonk het naar diesel. Dus sowieso niet drinkbaar. Nu, voor dat water moet je in een ellenlange rij staan onder de brandende zon. En er is maar 1 kraantje aan heel dat grote vat. Na enkele uren heb je een fles. 1 fles per persoon. Wij hebben ook in de rij gestaan, om ze dan uit te delen aan de vrouwen met kindjes en een baby op hun schoot, waarvan hun man geen water wou gaan halen. Enkele gekochte flessen hebben we verstopt.

Het beetje voedsel dat Megan en wij nog hadden, hebben we samengevoegd. Megan en Laurens hebben een goede eetlust, ik helemaal niet en het zou het ophouden enkel maar vermoeilijken. Geen haar op mijn hoofd dat ik de luxe-toiletten ga bezoeken.

Ze zijn ook enkele keren op pad geweest voor eten te zoeken en is hun soms gelukt. Telkens zat ik vol angst op hun terugkeer te wachten. Ik bleef bij het gerief.

Iedereen buiten op open vlakte

Overal verschijnen groene zeilen. De overheid heeft er uitgedeelt. Mannen zoeken ijverig naar bamboestokken en touw. Er komt een zeil boven ons, wij hebben touw en een zakmes met een zaag aan. De samenwerking verloopt super, Laurens zaagt de bamboestokken bij en al snel verspreid het nieuws van 'De Zaag'. De een na de ander vraagt aan Laurens om ook voor hun te zagen. Hij had zijn handen vol, jazeker!

Overlevingskamp papieren hoedjes tegen de zon

Het zeil wordt strak boven ons gespannen en er is eindelijk wat schaduw. Het gebied is ineens verdeelt in kleine groepjes. Nog steeds zit je krap en je moet zelfs opletten of je bent je plaats kwijt. Daardoor moet er altijd iemand bij de spullen blijven, meestal was ik dat.

Onder ons zeil is een jongeman heel ziek, hij heeft de pokken, wat besmettelijk is. Hij wordt door iedereen links gehouden ochaarme. We geven hem af en toe iets, maar wil niet eten. De hond van het kamp naast ons komt heel de tijd bij ons zitten. Schattig ja, maar zit vol vlooien, neen niet leuk.

Megan heeft een zonnepaneeltje waarmee je een gsm kunt opladen. Langs alle kanten vragen ze haar om hun gsm op te laden, maar dat gaat niet, laadt veel te traag op. Het probleem dat er nergens elektriciteit is, is voelbaar. We hebben een deal gesloten met een Indiër, de man van het gezin, die ook onder hetzelfde zeil vertoeven. Hij heeft een smartphone. Hij mag zijn gsm opladen als wij ermee mogen bellen. India en Nepal hebben hun netwerken gratis ter beschikking gesteld voor dit drama. Ongelukkig geraken alle gsm's plat.

Ik ben aan het bellen met mijn zus, Oempé. Een na-schok die heviger en heviger wordt. Ze hoort door de gsm het angstig gejoel, vooral vrouwenstemmen die de hoogte ingaan. Haar maag krimpt bijeen bij het aanhoren van dit akelig geluid. Ze heeft een nieuwe aardbeving van 6,? op de schaal van Richter op afstand gedeeltelijk mee gevoeld.

Er komen enkele toeristen naar ons, Amerikanen. Ze vragen ons of alles ok is en zeggen dat we naar een andere plaats kunnen gaan waar al de toeristen samen zitten. We blijven waar we zijn. Dit is ons kamp tussen de lokalen.

We vragen of ze de jongeman kunnen helpen. Ze kunnen enkel bidden voor hem.

Ze bieden ons een warm maal aan, bij hun en dat we welkom zijn. Megan en Laurens gaan er naartoe, ik waak. Ze blijven heel lang weg en ik begin me echt wel zorgen te maken. Ze arriveren eindelijk. Die plaats was heel ver en gevaarlijk om er te geraken. En in een hoog gebouw! Ben ik blij dat er geen na-schokken zijn geweest en ze ongedeerd terug zijn. Voor ze konden eten moesten ze heel lang luisteren naar een preek die wel 45 minuten duurde. Ze hebben hun buik goed vol gegeten en zelfs een maaltijd bij voor mij, wel in een plastieken fles gedaan, wegens gebrek aan materiaal. Ik had nog steeds geen eetlust. We hebben het aan de zieke jongen gegeven. Hopelijk gaat hij er van eten.

Het wordt donker, men bereidt zich voor om te slapen. Deze nacht zal het wel lukken met die zeilen.

Het begint te regenen. Die zeilen zijn totaal niet waterdicht, het regent er gewoon los door! En weer dezelfde scenario's, naar jet afdak, na-trillingen, weg van het afdak,...

Weer geen oog dicht gedaan....


 

Maandag 27 april 2015 (3de dag)

Je begint je raar te voelen van geen slaap en ik van niet eten bovenop. Je voelt dat uw lichaam in overlevingsmodus staat.

En de krampen worden erger en erger van het ophouden. Gewoon volhouden.

Zeilen van overheid niet waterdicht, noch zonwerend

Pal achter mij in het ander kamp gebeurt iets. Ik zie een man aan een paal bezig, het zeil op te spannen en plots valt hij de grond op en begint te schudden. Er roept iemand "Water" en ik zeg hun dat ze zeker geen water mogen geven, hij kan daarin stikken, maar iets om op te bijten. Hij heeft een epilepsie-aanval. Zijn vrouw is er snel bij en kijkt naar mij met een bedankende blik.

Megan beslist om is te gaan horen over een bus die ze normaal gezien ging nemen. De bussen zijn ook volledig ontregelt aangezien veel wegen afgesloten of stuk zijn. We nemen afscheid en blijven met z'n tweeën achter.

We bellen naar An dat we nog steeds ok zijn, zodat ze anderen kan inlichten. Ze vertelt ons dat we ons zo snel mogelijk moeten melden bij de ambassade.

Die is midden in de wijk van Thamel... hoge gebouwen! Laurens beslist om er toch naar toe te gaan en dat ik bij het gerief blijf.

"Dan wil ik mee."

Laurens: "Maar dan zijn we onze plaats kwijt en alleen ben ik veel mobieler, zonder gerief en kan ik achter op een brommer of zo."

Ik ben er alles behalve scheutig op, maar we kunnen ook niet hier blijven.

Hij is weg, ik smeek voor geen na-trillingen, hij moet terug komen. En daar zit ik dan, me kapot te bezorgen onder een zeil die maar flauw de zon tegen houdt. Het is loeiheet, water is bijna op en mijn krampen zijn zware steken... waar blijft hij...

Ineens staat hij er "Snel snel, inpakken, we gaan naar huis! We moeten zo snel mogelijk naar de luchthaven, we hebben een vlucht terug!"

Ik pak vliegensvlug in. Laat al het slaapgerief achter voor onze kampgenoten, neem afscheid en wijlen weg. Wat verder zie ik een taxi met onze vier grote rode zakken erin. "Hoe...?"

Laurens met een grote smile "Ik ben nog snel onze bagages op de kamer gaan halen".

Voordat Laurens de auto instapt, bedenkt hij zich, gaat even terug en is er weer. "Ik heb die zieke jongeman nog geld toegestopt." Lief dat hij er nog aan dacht...

In de taxi op weg naar de luchthaven had ik een dubbel gevoel. Enerzijds was ik zo blij dat we gered zijn en naar huis kunnen en anderzijds is het heel erg voor diegenen die achterblijven.

Ongeveer een kilometer van de luchthaven, is de heilige crematie-plaats, Passupatinath, waar op dat moment massa-crematies plaatsvinden. Een toerist vraagt zelfs waarom ze zoveel barbecues houden en de mensen maar honger hebben.

Aan de luchthaven aangekomen denken sommigen dat we van North Face zijn. Omdat de zakken waar alles in zit, goedkope nep-zakken zijn met het logo North Face op.

Een vrouw op de luchthaven komt ons tegemoet "Verschelden Laurens en Tsai Woon, goed dat jullie er zijn, jullie moeten mee"

An vertelde later dat ze haar heeft gestalkt om ons mee te krijgen.

De vrouw, Annelies werkt in Delhi op de ambassade en woont er ook, samen met haar vriend Victor. Ze zijn in Nepal op verlof en ze werd direct ingeschakeld na de ramp. Zij is de persoon tussen The Belgian Air Force en Nepal. Wat een klus!!! Ze is overstresst en doodmoe, vertelt ze en wat het zo moeilijk maakt is dat ze haar technische snufjes niet bij heeft. Onvoorbereid moet ze dit alles regelen met de middelen die ze heeft. We stellen haar voor dat ze ons altijd om hulp mag vragen, ze hoeft dit niet alleen te doen.

Het vliegtuig van het Belgisch leger kan elk moment landen, maar er zijn verwikkelingen. De luchthaven van Kathmandu is een van de kleinste ter wereld en heeft maar een paar parkeerplaatsen. Het vliegtuig kan maar niet landen en vliegt rondjes boven Kathmandu. Het moet terug naar Delhi vliegen om bij te tanken.

Afwachten....

Wat is er veel volk hier op de luchthaven!!! Het eerste deel massa massa Indiërs in ellenlange rijen. Het andere deel is voor de toeristen, de repatriërenden.

Ik ga op zoek naar een toilet en jaaaaaah, geen licht, maar helemaal geen erg! Eindelijk van die stekende krampen vanaf!! In het gewone leven zou ik het nóóit zolang hebben kunnen volhouden. Wat een lichaam toch kan in doodsbedreigende situaties.

Op de luchthaven is al het water op of toch niet. Evian is te koop aan €3, dit is dertig keer duurder en zelfs geen grote fles. Een gediscuteer van jewelste bij de Indiërs.

Plots zien we Megan opduiken. Ze heeft een vlucht naar Amerika binnen enkele dagen. Ze heeft een stop van enkele dagen in India, Delhi.

We zijn nog samen iets gaan eten, ons afscheidsetentje en hebben haar nog geld gegeven. Geen elektriciteit is ook geen ATM's.

Onze gsm is stuk en we hebben haar gevraagd als ze in Delhi is om dezelfde naar ons op te sturen. We hebben bericht gehad dat ze in Delhi geen technische apparaten, zoals een gsm, opsturen.

Ze komen rond met Samosa, typische pasteitjes. Ik heb nog steeds geen trek. Laurens eet zoveel, vreet zelfs. Zijn lichaam wilt hamsteren voordat er geen eten meer is, denk ik. En mijn lichaam wilt zuinig zijn en het eten sparen voor wanneer echt nodig is? Laurens zijn lichaamstactiek is toch praktischer vind ik. Want eten sparen? Dan zijn de andere tactiekjes ermee weg!

Heel de dag is het wachten. Annelies meld dat het niet meer voor vandaag zal zijn en dat iedereen naar de ambassade mag gaan om daar binnen te kunnen overnachten.

Maar haar vriend moet op de luchthaven blijven, bij de bagage, beveelt ze hem. En ook voor als iemand nog toekomt ofzo. Hij ziet er tegenop. Uiteindelijk is het enkel onze bagage die overblijft en we stellen met plezier voor om samen met hem op de luchthaven te blijven. Hij mag zelfs naar de ambassade gaan, maar blijft toch.

Heel de nacht weer wakker gebleven, we hebben ook niets meer van slaapgerief, alles (slaapzak, laken, slaapmat van Megan, deken van hotel, beschermmouse die we over hadden voor zaken in te pakken) hebben we weg gegeven met het gedacht het niet meer nodig te hebben. Maar de Nepalezen hebben het echt wel harder nodig. We hebben heel de nacht door getetterd.


 

Dinsdag 28 april 2015 (4de dag)

In de loop van de dag is er weer een na-schok gekomen. Zolang er geen volle 3 dagen geen na-schok is geweest, is de aardbeving niet voorbij. Het is dus helemaal nog niet gedaan!

Tijdens die trilling die vrij hevig was, stormde iedereen naar buiten. Enkelen begonnen te huilen. Eentje kon zelfs niet meer op haar benen staan, ze moest volledig plat liggen. Deze vrouw zat op een bus als enigste toerist tijdens de aardbeving. De bus stopte steeds, iedereen stapte dan uit in paniek, maar ze begreep er niets van. Niemand kon haar duidelijk maken wat er was. Ongelooflijk veel schrik heeft ze gehad, omdat ze wist dat er iets ergs was, maar wat? Doordat de bus reed had ze niet echt door dat er een aardbeving was. Niemand begreep haar en zij begreep niemand. Ze voelde zich daarom enorm alleen, helemaal alleen met angst. Moet vreselijk zijn.

Stagiaires hebben verschrikkelijke taferelen gezien in het ziekenhuis, daarvan weenden er verschillenden van angst na weer zo'n trilling.

Je houd er sowieso een trauma aan over, de een erger dan de andere of op een ander manier, maar het blijft een tijd nog in je systeem zitten.

Door enkele dagen de grond te voelen trillen, heviger of minder, ben je het veilige gevoel kwijt dat je al heel je leven kent. De vaste stevige ondergrond. Dat uw enigste contact is met de aarde. Weg, je staat niet meer sterk in je schoenen, je kunt elk moment precies door een membraan vallen, in het niets. Je hebt geen houvast meer... en je kunt jezelf ook nergens aan vasthouden, want niets biedt nog zekerheid. Hoe veiliger en steviger iets aanvoelde, is nu daarentegen gevaarlijker. Je bent compleet de weg kwijt.

Heel de dag is het weer afwachten met steeds hetzelfde scenario dat het vliegtuig niet mag landen, tourtjes vliegt om dan weeral te gaan tanken in Delhi.

Er komen meer en meer toeristen toe.

Een koppel dat enkele weken ervoor met Turkish hier geland was en waarvan het neuswiel van hun vliegtuig was gebroken. Toen was de luchthaven ook enkele dagen dicht geweest. Dus zij komen van de ene ramp in de andere.

Een Nederlandse vrouw die deze ochtend geland was en de luchthaven nog niet was uit geweest. Zij had hier jaren voor gespaard om deze reis te kunnen doen. Maar is 5 dagen later terug met ons mee naar België gevlogen.

Het vliegtuig zal vandaag niet meer landen.

Laurens heeft karton verzameld en daardoor konden Annelies en Laurens een dutje doen. Zij was kapot kapot en voelde zich veiliger in de luchthaven dan op de ambassade. Veel toeristen gingen naar de ambassade.

Victor heeft uiteindelijk ook enkele uurtjes geslapen. Ik niet, ik wou waken, voor het geval dat... kon ik iedereen wakker maken, dat ze dan sneller buiten zijn. Ik heb op een stoel de rest van de nacht naar buiten gekeken. Al de 4de nacht wakker. In noodgeval gaat dat dus echt wel en nog steeds geen eetlust.


 

Woensdag 29 april 2016 (5de dag)

's Morgens geeft Annelies me een taak. Ze geeft me blanco blaren. Ik moet een lijst opstellen van de toeristen. Eens ze op de lijst staan, is hun plaats in het vliegtuig verzekerd. Maar ik moet me aan strikte regels houden.

Ze moeten me hun paspoort tonen en alleen ÍK mag hun gegevens overschrijven. Maar ik moet de persoon ook zelf zien in levende lijve. Dat een ander zegt dat die of die zeker nog komt, zelfs met het tonen van hun paspoort, geldt niet.

Bij enkele personen, als ik die voor me heb, moest ik direct ermee naar Annelies gaan, waaronder een vrouw met een geadopteerd kindje van Nepal. Bij haar heb ik de volle tirade over me heen gehad, omdat ik ze niet meteen kon aanvaarden. In België was ze al in het nieuws gekomen dat ze het schandalig vond dat iedereen zo moeilijk deed. Simpelweg omdat ze een arm kindje wil helpen door ze te adopteren en mee te nemen naar België. Ik kan haar wel begrijpen, maar kreeg toch de volle lading: "Schandalig!!! Zelfs bij een aardbeving durven jullie moeilijk doen!!"

Belgen krijgen voorrang op de rest. Ook al komen ze op het laatste moment.

Er waren maar een beperkt aantal plaatsen, de ene helft was voor de Nederlanders en de andere helft voor de Belgen.

Ik moet ook rekening houden met een zwaar gewonde die mee vliegt, deze zal drie plaatsen innemen en vergezelt zijn met enkele verplegers, maar ze wist niet hoeveel juist.

Ik begin met mijn opdracht, een voor een vraag ik of alles in orde is en ze hun paspoort kunnen geven zodat ik hun plaatsen kan bevestigen op de vlucht naar huis. Wat een opluchting voor die persoon steeds keer op keer. Voor de Belgen die aanwezig zijn is alles ok, maar andere toeristen zoals Fransen, Duitsers, Zweden, Spanjaarden, Italiaan,.... smeekten me hun ook op de lijst te zetten. Hun land heeft niets gedaan om hun te repatriëren, enkel België heeft een vliegtuig van het leger gestuurd. Ik begin te beseffen wat een zware taak dit wel is. Ik ben constant aan het tellen, rekening houdend met 'welke Belgen nog moeten komen'. Van sommigen wist ik mettertijd dat bepaalde personen hier gingen blijven. Die plaatsen zou ik kunnen weggeven. Annelies was zo enorm druk bezig met van alles te regelen. Ze heeft zelfs ruzie gemaakt met Nepalezen. Ze lijdt onder zware druk. Steeds als ik haar te pakken krijg, vraag ik of ik al enkele niet-Belgen mee op de lijst mag zetten. Het mag nog niet, ik mag geen risico's nemen voor overboekingen, aangezien ik ook de mogelijkheid moet hebben om laat komende Belgen er direct op te kunnen zetten. Langs alle kanten wordt er druk op mij gezet, smekend om hun op de lijst te zetten. Ik begrijp hun volkomen en zou graag iedereen mee willen, want zou het vooral erg vinden als er nog plaatsen zouden vrij zijn terwijl er nog mee konden. Annelies is nergens te bespeuren en zo druk bezig dat ik een oplossing probeer te zoeken. Ik kan een gsm lenen van iemand, bel naar de Belgische ambassade in Nepal zelf en vraag of ik niet-Belgen mee op de lijst mag zetten aangezien er toch plaatsen zullen overblijven. Ze geeft toestemming, mits Annelies ook akkoord ga. En dan moet ik een kopie van de lijst aan de ambassade bezorgen. Ik zoek gretig naar Annelies, vind haar, vertel dat ik gebeld heb met de ambassade en dat het goed is voor hun als het goed is voor haar. Ze geeft me de volledige verantwoordeljkheid. Yes! Eindelijk kan ik ze geruststellen! Een voor een vliegen ze me rond mijn hals met tranen in hun ogen, ze kunnen ook eindelijk naar huis. Ik zoek met Laurens naar waar ze kopies kunnen nemen, vinden het eindelijk en nu het volgende probleem, de kopie bij de ambassade krijgen. Deze taak neemt Laurens op zich. Hij vind iemand met een brommer en weg is hij.

Ondertussen komen er nog toeristen toe en vragen me of ze ook nog op de lijst mogen. Maar de lijst is al weg. Ik bel snel weer naar de ambassade met iemands gsm. Als ik snel ben mag ik een nieuwe lijst brengen en dat wordt dan ook gedaan met weeral Laurens als koerier door het slagveld. Dit gebeurt enkele keren. We willen niemand teleurstellen. Ik heb risico's genomen met de plaatsen zo danig op te vullen dat ik het zeer benauwd krijg, wat als er meer verpleegsters zijn dan ik geschat heb? Wat als er nog een Belg op het laatste nippertje toch nog beslist om mee te vliegen? Het enigste wat ik dan kan doen is mezelf opofferen, denk ik en zit vol spanning af te wachten.

Dit hele gebeuren neemt een volledige dag in beslag. En ondertussen krijg ik geregeld van Annelies het nieuws te horen, dat het vliegtuig van Belgian Air Force ofwel gaat landen, ofwel terug vliegt naar Delhi voor te tanken. En bij elk ander nieuws ga ik bij iedereen rond om dit mee te delen. Gelukkig dat ze zijn oftewel teleurgesteld dat het wééral is uitgesteld. De meesten waren begripvol, blij dat ze nog leven én uiteindelijk wel naar huis gaan. Enkelen waren boos met het slechte nieuws en kreeg ik hun woede over mij. Annelies vertelde me later dat ze speciaal deze taak aan mij had overgedragen, omdat ze dit niet zou aankunnen. Mensen die haar uitschijten terwijl ze zo veel moeite deed om ons hier weg te krijgen. Ik besef ook wat een ongelooflijk zware job zij heeft. Zó stressvol en ik deed dan nog maar een kleine taak van haar, waar ik een volledige dag mee bezig was.

Het is laat in de avond en ik krijg te horen dat het vliegtuig misschien de volgende dag pas komt. Oh nee weeral de mensen teleurstellen...

Om 22u krijgen we het positieve nieuws dat we toch vliegen! We kunnen inchecken, binnen in de luchthaven krijg ik een benauwd gevoel. Ik hoop dat er geen nieuwe aardbeving komt, want dan zitten we vast in een gebouw. We kunnen niet meer naar buiten.

Door dit voorval was er een zeer speciale sfeer op de luchthaven. Het is raar om te zeggen, maar ondanks dat dit de langste vertraging ooit was (meer dan 55 uur), was dit ook de meest sociale vertraging ooit. Er was een samenhang, iedereen beleefde dezelfde emoties, allemaal overlevenden bijeen... uniek.

In de wachtrij in de luchthaven komen militairen me vragen wat er in die 4 grote rode zakken steekt (Laurens stond wat verder te kletsen). Bij het horen van boedha's (we moesten enkele grote meenemen voor Didier) was het direct in orde.

En ik dacht ook steeds: 'Ik hoop dat iedereen mee kan! Dat ik geen overboekingen heb gemaakt' èn...

'Please, geen aardbeving!'

Buiten stappen we naar het vliegtuig. Amaai wat een groot geval!! Nu begrijpen we hoe moeilijk het niet geweest moet zijn om hier te landen op de mini airport. Het vliegtuig onderaan heeft een gigantische laadruimte. Het is ook een vrij nieuw vliegtuig, sommigen hadden ons al bang gemaakt dat we met iets krakkemikkeligs gingen terug vliegen, dat we blij mogen zijn dat we levend toekomen.

We staan met die van het leger te praten, want Laurens wil toezien en vraagt ook dat ze zijn bagage deftig weg bergen, wegens breekbaar materiaal. Deze mannen van het B-fast team gaan daarheen waar er een ramp heeft plaatsgevonden voor hulpmiddelen en repatriëring als nodig is, zoals deze keer. We worden binnengeroepen als laatsten en Laurens is gerust over zijn bagage. Nadat we plaats hebben genomen, wordt de zwaargewonde binnen gebracht. Hij is er erg aan toe. Ze gaan allen achteraan en dan pas zie ik dat èlke stoel bezet is. Oef, goed gegokt! Er zijn zelfs nog een paar stoelen vrij in het hele vliegtuig. Ik heb niemand moeten teleurstellen.



 

Donderdag 30 april 2015 (6de dag)

Na middernacht stijgen we eindelijk op, het gevoel van definitief ècht gered te zijn... geen kans meer dat een aardbeving ons leven kan ontnemen.

Maar wat nu komt is niet te geloven. De ene turbulentie na de andere, het vliegtuig schokt hevig voor een lange tijd, van earthquake naar airquake! Iedereen zit weer met volle angst, hopend dat we niet gaan crashen. Maar wat erger is: de gewonde is hevig beginnen bloeden door de schokken en de druk! "Dokter gevraagd!", maar die zijn in Nepal gebleven, enkel verplegers hier en daar. Ze proberen te helpen waar ze kunnen...

Deze vlucht is een korte vlucht naar Delhi. De piloot moet eerst dringend bijslapen voordat hij kan doorvliegen naar België.

Het is eens wat anders om bediend te worden door stoere mannen van het leger i.p.v. stewardessen. Schattig dat wel.

In Delhi toegekomen wordt van ons allen verwacht een bus op te stappen die klaarstaat en ons brengt naar een hotel, waarvan de kamer voor onze rekening is. Laurens denkt hier anders over. Hij wil gebruik maken van de gelegenheid hier te zijn en zou dan graag nog wat autospullen gaan halen. Wat hij steeds doet als hij van India vertrekt (dit is dan de 15de keer). En tegen de middag hier terug te zijn voor onze vlucht naar Melsbroek.

Alle geluk mogen we onze bagage in het vliegtuig laten anders moeten we nog sleuren met meer dan 100 kilo door Delhi!

Laurens had al vriendjes gemaakt met de Triplets en stelt hun voor mee te gaan zodat hij voor hun een goedkopere kamer kan regelen (wel 10 keer goedkoper dan het hotel waar we normaal heen gingen).

De Triplets is een eeneiige drieling van Zweedse afkomst. Drie fijne jongemannen met mooi lang blond haar. Ze lijken wel vrouwen, zo mooi en fijn afgewerkt. Als je ze ziet lopen, komen ze zo uit een videoclip. Fashion tot en met, maar ze zijn echt wel speciaal. Ze komen zelfs voor in een videoclip van Lady Gaga 'Paparazzi'.  Laurens zijn speeljongetjes. Ze hebben alledrie overal op dezelfde plaatsen identieke tattoos. Je kunt ze absoluut niet van elkaar onderscheiden, zo lijkend op elkaar als drie druppels water. Ze zeggen zelf dat ze zich soms vergissen, vooral s'morgens of op foto's, ook hun moeder kan hun niet uit elkaar houden.

Dus we zijn in Delhi aan de luchthaven op weg naar een bushalte met de Triplets. Plots komt er een man naar ons gerend, roepend en tierend. "Waar gaan jullie heen! Dit kan niet zomaar, je moet me dit melden. Ik ben verantwoordelijk voor jullie. Waarom gaan jullie niet gewoon met de rest naar het hotel?!"

Laurens legt uit wat onze plannen zijn en hij geeft toestemming, als we maar rond de middag terug hier zijn voor de volgende vlucht.

Eerst zoekt Laurens een hotelkamer voor de drie blondines, waarna wij verder gaan. Nog een nacht niet slapen... de vijfde nacht... ondertussen komt de zon op, de stad ontwaakt.

We vragen aan iemand op straat waar we geld kunnen trekken, aangezien de ATM's niet werken. We vertellen van waar we komen. Hij is van Israël en vol verbazing staat hij erop om ons een ontbijt te trakteren, terwijl hij ons verhaal wil aanhoren. Laurens heeft alles verteld, want ik had alle moeite om bij bewustzijn te blijven, nadat ik eindelijk iets binnen kreeg.

Van hem onthoud ik nog steeds wat hij in het leger leerde tijdens de eerste lessen. Je mag niet vanuit gaan hoe iemand reageert na een traumatische ervaring. Nadat Laurens vertelde dat er een Belg zich kwaad heeft gemaakt op Nepalezen, omdat die hem niet meehielpen zijn eigen landgenoten van onder het puin te halen.

Of die Chinese vrouw die haar was nog ging opvragen in een klein wassalon die ingestort was en dat enkel maar een t-shirt en onderbroekjes inhielden. Terwijl de eigenaar zegt dat het moeilijk zal zijn om ze te vinden onder het puin en toch bleef ze aandringen.

Dat mensen raar kunnen reageren na zo een ramp.

We gaan verder op zoek naar de autowinkels. Laurens koopt een voor- en achterbumper van een auto en laat deze inpakken in een witte stof. En nog andere onderdelen.

We gaan terug met een groot lang pak en een kartonnen doos. Het lijkt wel of we een lijk meesleuren. Hier in India wikkelen ze de overledenen ook in een wit laken. 

Tegen de middag pikken we de Triplets op, nadat ik nog snel een verfrissende douche heb genomen op hun kamer. Door de drukkende hitte, met z'n allen volgepropt in een riksja, komen we toe aan de luchthaven.

Er is niemand te bespeuren van de groep. Laurens en de Triplets beginnen te panikeren met de gedachte dat ons vliegtuig al vertrokken is. Ze lopen van hier naar ginder, van ginder naar daar,... Naar iedereen vragend of ons vliegtuig er nog staat. Helaas krijgen ze nooit een antwoord, want informatie over een vliegtuig van het leger wordt niet vrij gegeven. Ik probeer ze gerust te stellen dat er waarschijnlijk een vertraging is, waardoor de groep wat later komt, maar de paniek blijft erin. Ze blijven als kiekens zonder kop heel de luchthaven afzoeken of ons vliegtuig ergens te bespeuren is, maar helaas...

Ondertussen vind ik onze paspoorten niet meer, ik ben ze kwijt! Ook ik begin nu te panikeren. Uiteindelijk had een van de drielingen onze paspoorten op zak. Dat probleem is dan al opgelost.

Laurens voelt zich schuldig voor de blonde jongens dat hij hun heeft overhaalt mee Delhi in te trekken en wil ook voor hun nieuwe vliegtuigtickets kopen. Ik overtuig hem nog even te wachten met deze impulsieve daad en na een tijd sijpelt de groep de luchthaven binnen. Er is inderdaad een vertraging. Paniek voor niets.

We checken in, maar deze keer komt Laurens er niet zo makkelijk af met zijn bagage. Hij krijgt zwaar onder zijn voeten van het Belgisch leger dat hij nóg meer bagage bij heeft zonder dit te melden. Hier komt hij niet zomaar vanaf en hij zal moeten bijbetalen bij aankomst in Melsbroek, wordt tegen hem geroepen.

Eindelijk vertrekken we naar het veilige thuisfront. Eens opgestegen, zijn we als een blok in slaap gevallen. Je zou voor minder na vijf slapeloze nachten!

Toegekomen stond de pers en de geliefden ons allen op te wachten. De tranen vloeien van ontroering.

Veilig toegekomen in Melsbroek

An, die voor ons de communicatie heeft geregeld, stond ons op te wachten. Plots komt Danny tevoorschijn, opgelucht om ons samen te zien. Hij wist niet zeker of we het beiden overleeft hadden. Het eerste wat Laurens hem vroeg: "Hey Danny, ben je met de camionet?", voor al zijn bagage. We hebben zonder probleem alles mee gekregen.

De eerste week thuis in de Ardennen kon Laurens niet stil zitten en was heel de tijd in weer en wind, terwijl ik niets anders wou doen dan rusten.

Iedereen die we zagen pakten we stevig vast, daar hadden we echt nood aan. Ook om steeds keer op keer over de aardbeving te vertellen.

Het is raar om veilig thuis te zijn en je bekijkt het leven helemaal anders. Het schol zo weinig of we hadden ook onder het puin gelegen. Het leven kan zo plots afgelopen zijn. De dood gezien en gevoeld te hebben, de angst voor je leven zo intens te ervaren,... doet iets met je. 

Voor deze reis gaf het leven die we leiden, mij een onzeker gevoel, naar de toekomst gericht. Maar door deze uitzonderlijke ervaring proberen we voluit van het leven te genieten en dankbaar te zijn voor alle extra tijd die we cadeau krijgen.

8 Reacties

  1. Mir Werniers:
    1 december 2024
    Heel bizar om zoiets ingrijpends mee te maken. Wij kunnen ons dat eigenlijk niet echt voorstellen.
  2. Laurens & Woon:
    2 december 2024
    Ik besefte dat ik het laatste decennia veel angsten heb gecreëerd. Zou het door de aardbeving kunnen zijn? Of simpelweg door het leven met Laurens? Of allebei? 😄
  3. Gert:
    2 december 2024
    Wat een beklijvend verhaal zeg. Hoe komt het dat het hier nu maar pas gepubliceerd is?
  4. Laurens & Woon:
    2 december 2024
    Ik had het verhaal al zolang geschreven, maar nooit echt afgewerkt en ineens tijdens een lange rit las ik het voor aan Laurens, had ik het nog wat bijgewerkt en voila... gepost. Eindelijk!!
  5. Unnie:
    3 december 2024
    Ge kunt alles zo levendig neerschrijven he, zo ingrijpend amaaaaai.
    Wat een rampenfilm, kunnen we ons hier niet echt voorstellen dada kan gebeuren.
    Zoveel chance weeral da julliehebbengehad. Teken da ge echt moet genieten van de kleine dingen!
  6. Laurens & Woon:
    3 december 2024
    Mercieks Unie Poenie, het heeft wel.lang geduurd voor het verhaal echt af was, maar beter te laat dan nooit!
    Ja idd genieten van de kleine dingen.... 🤗
  7. Eva:
    20 december 2024
    Amaai ik heb da verhaal gelezen met ne snik die ik inhield. De tranen stoomden toch over m’n gezicht op het laatste, Wat ben ik blij gelle er nog zij! Ik had nog niet het hele verhaal gehoord, gelle zij echt door het oog van de naald gekropen.
    Woon en Laurence de crisismanagers.
    Woon gij kreeg zelfs een taak die die vrouw zelfs ni zou aangekund hebben💪! Zo knap gedaan!
  8. Laurens & Woon:
    20 december 2024
    Ooh Evaatje, zo lief van je 🤗🤗